bertilkok.punt.nl

Vanwege opnieuw een blessure loop ik sinds een paar maanden niet meer hard. Met een peesplaatontsteking onder je voet ben je voor wat betreft hardlopen een half jaar tot een jaar letterlijk uit de running. De combinatie van niet meer sporten, geen 20 meer zijn, vakantie en een ongewijzigd eet- en drinkpatroon hebben ervoor gezorgd dat mijn goddelijke slanke lichaam in schrikbarend tempo is veranderd in een lang slank lichaam waar een enorme bierpens voor bungelt. De opmerkingen die ik sinds enige tijd naar mijn hoofd geslingerd krijg, liegen er niet om. En ook de weegschaal is genadeloos. Sinds mijn laatste weegmomentje zijn er maar liefst 8 kilo bijgekomen en het getal 100 komt angstig dichtbij.

Dat de lichamelijke aftakeling zich bij mij heeft ingezet, moge duidelijk zijn. Een overbelaste pols, zwakke knieën, ogen die toe zijn aan een leesbril en nu dus tijdelijk een voet met een ontsteking. Qua sporten zijn er dan nog steeds wel mogelijkheden. Zoals – met goede begeleiding - een sportschool. Voor mij echter geen optie. Ervaringen uit het verleden garanderen in dit geval een kansloze toekomst. Geheister aan apparaten in inspiratieloze ruimtes waar je ook nog een berg geld voor moet neerleggen is niet bepaald mijn ding. Sporten die overblijven zijn zwemmen en fietsen. Ook zwemmen heb ik geruime tijd gedaan. ’s Ochtends vroeg voor werktijd. Veel te vroeg opstaan, naar een zwembad rijden en in een altijd veel te krap hokje je omkleden om in belachelijk koud water tussen massa's tergend traag banentrekkende bejaarden door te slalommen is gedoe. En Kok is allergisch voor gedoe.

Blijft over fietsen. Laat ik daar nou ook een broertje dood aan hebben. Waarschijnlijk een jeugdtrauma. Met ondernemende vrienden fietste ik vroeger zo nu en dan hele stukken. Bijvoorbeeld naar familie in Meppel. Maar ook toen al nooit van harte. Want altijd wind tegen, regen onderweg en te ver weg. Waar mijn fietsende vrienden nog fluitend energie te over hadden spookten bij mij altijd al gedachten door het hoofd over terug met de trein of op laten halen met de auto. De tijd dat ik brommer mocht rijden kwam voor mij destijds dan ook als geroepen! Niet dat dat allemaal vlekkeloos verliep, maar daarover wellicht een andere keer. Tegenwoordig fiets ik dagelijks naar het werk. Een zeer bescheiden afstand, maar toch altijd 20 kilometer meer per week dan menigeen die dagelijks de beschikking heeft over een auto voor woon- werkverkeer. Dit stukje fietsen gaat uiteraard probleemloos, hoewel wind en regen nooit mijn vrienden zullen worden.

Vrienden van nu doen aan racefietsen. Zij behoren tot de MAMIL's, de zogeheten Middle Aged Men In Lycra. Heren met een fors postuur die smakelijk lachen als ik mijn uitpuilend buikje een bierbuik noem. Ondanks dat zij door het leven gaan met veel meer mee te torsen extra vet dan ik, schamen zij zich er niet voor zich meerdere malen per week in wielerbroekjes te hijsen met strakke wieler T-shirts die op zijn zachts gezegd niet bepaald flatteren. De handschoentjes, bidons, helmpjes en glimmende schoentjes completeren het koddige geheel. Maar ze sporten dus wel! Waar ik dagelijks al hijgend, puffend en steunend mijn 2 kilometer naar het werk afleg, fietsen zij afstanden die regelmatig de 60 kilometer ruim te boven gaan.

Ondanks alle weerstand die ik tegen het fenomeen fietsen heb besloot ik om toch een poging te wagen. Vanwege chronisch blut en geen bereidheid om er direct honderden Euro’s aan te spenderen, leende ik een fiets van een collega. Deze collega heeft ongeveer mijn lengte, dus zou het met de fiets qua formaat ook wel in orde komen. Het werd geen racefiets, maar een mountainbike. Met niet van die smalle, maar hele stoere brede banden. Die ook voor meer weerstand en dus zwaarder fietsen zorgden, hoorde ik later.

Woensdag voor het eerst maar een stukje gefietst. Vanuit Zwolle richting Hasselt en met een leuk lusje via Mastenbroek weer terug. Goed voor zo’n 16 kilometer. En een zere rug. En zere polsen. Waarvan er al één afgeschreven was. En last but not least, een mega pijnlijke testikel. Want sinds een vasectomie (sterilisatie, voor de gelukkigen die dit nog nooit hebben ondergaan) is dit ook een lichaamsdeel dat tot de gevoelige gebrekkige onderdelen des Kok’s behoort. En waar ik me uiteraard nooit mee gemeld heb bij huisarts of uroloog, want alles doet het nog. Nee, dit was een goed begin van dat fietsen.  De fiets bleek totaal niet te matchen met de verhoudingen van mijn lichaam, maar vooralsnog moest het er maar even mee gebeuren.

Donderdag al werd de tweede rit aanvaard. Vriend Raymond wilde ook graag naar Hasselt en terug. Inmiddels was ik dankzij vriend Anne ook voorzien van een heus fietsbroekje met zeemleer, dus nou zou het wel pijnloos gaan allemaal. Al na de eerste 2 kilometers wist ik dat dit niet het geval was. Het achterwerk bleef pijnvrij, maar eerder genoemd lichaamsdeel zou me de hele rit parten spelen. Niet dat ik me liet kennen. Al keuvelend legden we de eerste 8 kilometer af in een tempootje van zo’n 25 kilometer per uur.  Bij Hasselt besloten we de afstand wat te vergroten. Genemuiden, we komen er aan! Zo gezegd, zo gepedaald. Vlak voor Genemuiden merkte ik dat het allemaal wat moeizamer ging. De benen begonnen (ja, toen al!!) licht te verzuren en het eerder genoemde fysiek ongemak werd alsmaar ongemakkelijker.

Maar, doorbijten. Via het industrieterrein in Genemuiden kozen we de terugweg. Om me niet te laten kennen zette ik op een gegeven moment een sprint in, waarbij ik een topsnelheid van 40 kilometer aantikte. En dat had ik beter niet kunnen doen. Vanaf toen was het wel zo’n beetje helemaal gebeurd. De puf was er uit. Snelheid werd er niet meer gehaald. Hoewel ik later nog een laffe poging tot een sprintje deed. Want waarom leren van je fouten? De laatste 3 kilometers waren een ware hel. Mijn rug vond het al lang niet meer leuk en mijn testikel had het formaat van een wedstrijdvoetbal aangenomen. Thuis gekomen dook ik een warm bad in om daar de rest van de avond niet meer uit te komen.

Fietsen dus. Er wordt mij verzekerd dat het met goed materiaal, goede spullen en vooral een goede afstelling allemaal goed gaat komen. Echter, zoals de geleerden van De Dijk al zongen “Muzikanten fietsen niet”. Oh, was dat dansen? 


Reacties

Na 2 avonden en een dag Zandvoort vonden vrouwlief en ik het een goed idee om op de laatste dag van een ontspannen weekend ergens anders dan in Zandvoort nog een stukje strand te pakken. Van meerdere mensen hadden we als tip doorgekregen om eens naar Bergen of naar de duinen van Schoorl te gaan. Best wel een stukje omhoog vanuit Zandvoort en daarmee niet de kortste weg naar huis, maar wie kijkt er naar een paar extra kilometers als je een weekendje weg bent en de tijd aan jezelf hebt?

In Schoorl aangekomen bleek alles daar betaald parkeren te zijn, ook op zondag. Geen probleem. We waren voorzien van pinpas en contant geld. Wat kan ons gebeuren? Nou, Schoorl blijkt parkeertechnisch behoorlijk vooruitstrevend. Of een inmiddels alweer achterhaald beleid te hebben, want het fenomeen chipknip is niet bepaald het verwachte doorslaande succes gebleken. Maar het was in Schoorl wel het enige betaalmiddel voor alle parkeerplaatsen waar wij onze Italiaanse bolide wilden parkeren. Nog steeds zou je denken dat er geen vuiltje aan de lucht was. Even naar een pinautomaat lopen, je chipsaldo opwaarderen en klaar is Kok. Mijn lieftallige echtgenote bood aan dit varkentje even te wassen. Ik bleef in de auto, ongemakkelijk om me heen loerend, zoekend naar overactieve parkeerwachters die uitgerekend mij moesten hebben. Na drie uur, die in werkelijkheid nog geen 5 minuten duurden, kwam mijn echtgenote er alweer aan met een ietwat sippe blik. Geen pinautomaat te bekennen.

Nu zijn wij niet voor één parkeergat te vangen, dus besloten we een eindje verder te rijden. Er zou vanzelf een plekje komen waar we de auto kwijt konden om daarna lopend het duin over te steken. Al snel kwamen we in een plaatsje met de vriendelijke naam Groet. Daar bleek volop plek om onze Doblo te parkeren. Gratis ook nog. En met het eerste wandelpaadje liepen we zo een duinpan in. Tsjonge, dat ging soepel! Nu is onze ervaring met duinen vooral gebaseerd op talloze bezoekjes aan de door ons zo geliefde provincie Zeeland en dan met name de duinen bij Koudekerke. Bij duinen is het zo dat je je auto of fiets op een parkeerplek onderaan de duinen neerzet, je een pad omhoog wandelt en dat je bovenop de duinen direct een prachtig uitzicht op de zee geboden krijgt.

Met deze jarenlange ervaring begonnen we ook de wandeling in Groet. We passeerden wat mensen die rek- en strekoefeningen aan het doen waren en zagen om ons heen menig wandelaar. Niet bepaald verontrustend of ontmoedigend. De eerste duin was wat steiler dan verwacht en met de tong op de schoenen bereikten we de blanke top der duin. Oh. Schrik. Waar we ook keken, er was geen zee te bekennen. Nu had ik wel van één van de tipgevers gehoord dat het een behoorlijk duingebied was bij Schoorl, dus ik zette me schrap en zei hoopvol dat ik de zee al hoorde en dat die zich ongetwijfeld bij de volgende duintop in al zijn pracht aan ons zou tonen. Zo beklommen we duintop na duintop. Iedere keer dat we zeker wisten dat we de zee bereikt hadden, bleek er een nog groter duingebied voor ons te liggen. 

Het oorspronkelijke doel was om even het duin over te steken en bij een strandtentje wat te eten. Ondertussen had ik flink wat trek en proviand voor onderweg hadden we niet mee. De kop soep viel immers direct achter de duinen te nuttigen. Ik denk dat het bij de tiende keer was dat ik zei "Ik hoor de zee, hij moet HIER achter liggen!" dat mijn vrouw haar normaal gesproken grenzeloze vertrouwen in mij verloor. Zoals alleen een echtgenote dat kan, liet zij zonder al te veel woorden te gebruiken merken dat de lust om nog veel verder te wandelen haar wel vergaan was. Na het wisselen van slechts enkele woorden ("Terug?" "Ja, goed idee...") liepen wij terug. "Ik zou echt niet meer weten welke kant we op moeten", zei Ria. Ik stelde haar gerust. Het was eigenlijk vooral alsmaar rechtuit. "Volg me maar!" Na enkele uren hing mijn tong op mijn schoenen en was mijn baard ruim een centimeter gegroeid. 

"Ik wil niet veel zeggen....", begon Ria. Nou, dan weet je het wel. Meestal volgt dan een betoog dat zo lang duurt dat je een kan koffie kunt zetten, wachten tot hij klaar is en de visite kunt voorzien van koffie met koekjes en met een beetje geluk ook al van de eerste borrel. Dit keer viel het mee. Ze wilde alleen maar zeggen dat volgens haar (ook al zo subtiel) we juist NU richting de zee liepen. Zelden zo gelachen. Ik kreeg er werkelijk buikkramp van, hoewel dat ook door de alsmaar sterker toegenomen trek veroorzaakt kon zijn. Ik moest in ieder geval even zitten om van het lachen bij te komen en mijn kaken wat te laten rusten. Zittend op een dode boomstronk zag ik.... een ANWB paddestoel. Volkomen overtuigd van mijn gelijk wees ik vrouwlief de paddestoel aan. " Kom, gaan we daar even kijken. Zul je zien dat de zee echt volstrekt in tegenovergestelde richting ligt." 

Ik weet niet of het nodig is het verder uit te leggen, maar het is dit weekend geweest dat ik mijn richtingsgevoel en gevoel van eigenwaarde verloren ben. Beschaamd sjokte ik het laatste stuk, dat nog uit ruim anderhalve kilometer bestond, naast mijn vrouw, waarbij we er goed op letten het rechte fietspad niet te verlaten. Bijna in Groet aangekomen, was er opnieuw een keuzemoment. Rechtdoor was Groet, daar kon geen twijfel over bestaan. We zagen de hoofdweg al. Rechtsaf konden we naar 2 restaurants. Ik wist zeker dat bij één van deze restaurants onze auto geparkeerd stond. Alsof de deuk die mijn ego opgelopen had nog niet groot genoeg was, bleek ook dit niet zo te zijn. Waren wij rechtdoor gelopen, dan hadden we binnen 3 minuten in de auto kunnen zitten. Nu duurde de wandeling onnodig opnieuw een half uur langer, want die pijl die we na 2 minuten tegen kwamen wees écht niet naar het restaurant en ik wist ZEKER dat we nu wel de goede kant op liepen. 

Ondertussen was ik tot groot vermaak van Ria alsmaar chagrijniger geworden en de lust tot eten was me volkomen vergaan. Dit leidde er weer toe dat we uiteindelijk in de Hel van Flevoland terecht kwamen, te weten een restaurant in Bataviastad, maar daarover wellicht een andere keer....


Reacties

Photobucket

Toen ik net geboren was was ik enorm handig. Laten we wel zijn. Niemand wordt tenslotte onhandig geboren.

De eerste keer dat ik de drang voelde om zelf iets te doen, zal er per ongeluk iets uit mijn handen geglipt zijn. Mijn vader greep dit uit mijn vingers en maakte af waar ik aan begonnen was. Wanneer me later iets soortgelijks overkwam deden mijn drie oudere broers hetzelfde met een autoritaire houding. "Dat kan jij toch niet jongetje!" Dit zorgde er voor dat ik de poging tot het in elkaar zetten / repareren / lijmen / plakken / monteren (*) maar weer moedeloos opgaf en me bezig ging houden met het luisteren naar de radio en het draaien en aan elkaar lullen van plaatjes op mijn slaapkamer.

In een latere fase kreeg ik net als iedere andere fietsende scholier op een gegeven moment te maken met het fenomeen lekke band. De oerdrang van de geboren alleskunner in mij begon direct met het verzamelen van de juiste materialen; plaksetje, teiltje water en bandenlichters. Bij het op de kop zetten van de fiets begonnen ineens stemmetjes in mijn hoofd te roepen: ”Geef maar hier knul.” “Dat kan jij toch niet jongetje!” Op dat moment zag ik ineens mijn rechterhand langzaam vervormen. De duim verschoof naar de rechterkant van de hand en de vingers verwisselden onderling van positie. Ik dacht nog “Ik heb toch al zo'n ding?”, maar er was geen houden meer aan. Vanaf dat moment beschikte ik over twee linkerhanden. Mijn beste vriend, die getuige was van dit wonderbaarlijke natuurverschijnsel, begreep direct dat hier iets gebeurde wat in geen natuurwet stond beschreven.

Hij zag ook dat ik overmand werd door emoties en nam als vanzelfsprekend de bandenlichters van me over en binnen de kortste keren was mijn lekke band gerepareerd. Om mezelf te troosten en mijn vriend te belonen werd daarna de dichtstbijzijnde Jamin opgezocht. De kleine menthol-kruisdropjes uit hun collectie bleken vanaf toen een troostmiddel dat zijn weerga niet kende. Tot op de dag van vandaag spreken we er overigens schande van dat Jamin deze lekkernij niet meer laat vervaardigen. Dat niet alleen, ze werden destijds ZONDER AANKONDIGING uit de collectie gehaald. Hadden we het geweten, dan hadden we voor een paar jaar ingeslagen zodat we zelf het recept konden uitvogelen. Het moge duidelijk zijn dat we sindsdien nooit meer een stap in welke Jamin-winkel dan ook gezet hebben. Hoewel de kruisdropjes met mentholsmaak van Venco ook niet te versmaden zijn, blijft de smaak van de kleinere Jamin-versie tot op heden onovertroffen. Doe daar maar eens wat aan, mensen van Autodrop, Venco, Klene of andere snoepvervaardigers! Maar ik dreig af te dwalen.

Ik ben dus niet geboren met twee linkerhanden. Uiteraard ben ik in de loop der tijd wel eens een ongelovige tegen gekomen. Sterker nog; een vage kennis (en daarmee bedoel ik iemand die in alle opzichten aan dit begrip voldeed) beweerde bij hoog en laag dat hij nooit, maar dan ook nooit, een klusje uit mijn handen zou trekken als hij zag dat het mij niet dreigde te lukken. Wat voor klus het precies was weet ik niet meer, maar ik meen dat het iets was met elektriciteitsdraden en een tangetje. Kortom, een onmogelijke missie. Niet binnen 10, niet binnen 5, niet binnen 2 minuten, maar al binnen 1 minuut kon de betreffende persoon het al niet meer aanzien dat het zweet mij van het voorhoofd liep, ik mijn tong stuk beet en over een ongekend vocabulaire aan brute vloeken bleek te beschikken. Ook nu weer werd het gereedschap mij ontnomen en werd de klus voor mij geklaard.

Ik ben niet alleen ongelovigen tegen gekomen, maar ook kwaadsprekenden. Mensen die zeggen dat ik het er om doe. Nu is het wel zo dat ik in de loop der jaren zoveel mensen klusjes heb zien doen dat ik mij ontwikkeld heb tot ik mag wel zeggen de perfecte opzichter. Ik word her en der geroemd vanwege mijn ruimtelijk inzicht en mijn timmermansoog. Ook heb ik de kunst van het vasthouden geperfectioneerd en een betere aanwijzer dan ik zul je niet gauw tegenkomen. Dit houdt echter niet in dat je het zelf kunt. Iets bouwen. Of klussen. Toch waagt een enkele wantrouweling zich zo af en toe aan een brute uitspraak. Over dat ik te lui ben. Of iets van dien aard. Er zijn tijden geweest dat ik me daar over kon opwinden en in de verdediging ging. Verspilling van energie. Niet meer doen dus. Sterker nog, we gaan het tegendeel bewijzen. In huize Kok wordt de komende maanden volop geschilderd, behangen en worden de nodige klussen geklaard. Dat komt vast goed!

(*) doorhalen wat niet van toepassing is


Lees meer...
De tranen van Ilse, Ilse Delange Boulevard tranen overlijden vaderAl zappend kwam ik nota bene terecht bij RTL Boulevard. Ilse Delange gaf een exclusief interview. Één keer wilde ze het verhaal over het overlijden van haar vader doen en dat moest het dan maar zijn. En Ilse deed dat zoals alleen Ilse dat kan. Een verhaal met een lach en een traan. Een verhaal vol liefde. Over hoe mooi zo'n afscheid kan zijn. En hoe verdrietig.
 
Ik heb al jarenlang een zwak voor Ilse Delange. Niemand laat de Twentse tongval zo charmant en ontwapenend klinken als zij. Tijdens interviews of aankondigingen tussen nummers door val ik dan ook altijd als een blok voor Ilse. Daarnaast vind ik haar ook een fantastische zangeres. Haar CD World of hurt is menig vakantie urenlang afgespeeld in onze auto. Ook 3 andere CD's en een live DVD worden met regelmaat door ons beluisterd en bekeken.
 
Bij vrouwlief liepen de tranen tijdens het interview over de wangen en ook ik hield het niet droog. Als je iemand zo liefdevol over het verlies van een dierbare hoort praten raakt dat je tot in het diepst van je ziel. Zo werden de tranen van Ilse ook die van mij en mijn vrouw. En stiekem, heel stiekem, werd ik nóg een beetje meer verliefd op Ilse.
Lees meer...
RelativiteittijdEinstein zei het al: ”Tijd is relatief”. Zo ook in huize Kok. Het beste voorbeeld daarvan is het woordje “zo”. Als ik meld dat ik zo weg ga, heb ik bij wijze van spreke de jas al aan en de sleutels in de hand. Bij vrouwlief ligt dat anders. Als zij aangeeft dat we zo weg kunnen kan het prima zijn dat het toilet nog bezocht moet worden, het haar nog geborsteld moet worden, het gezicht nog geplamuurd moet worden, de hond nog moet worden uitgelaten, de vaatwasser nog in- en uitgepakt moet worden of de halve marathon nog moet worden gelopen. Het woordje zo heeft daardoor bij ons twee bijna tegenovergestelde betekenissen gekregen.

Onze zoon, ook niet gek, leerde dit al vrij jong. Als wij aankondigden naar een verjaardag te gaan en we meldden dat we zo weggingen kwam al gauw de vraag “Pappa's zo of mamma's zo?” Waarbij hij zelf overigens sterk de voorkeur gaf aan mamma's zo. Uiteraard hebben we hier onze weg in gevonden. Als ik over een kwartier weg wil roep ik direct “we gaan zo”. Na zo'n kwartier is het grootste gedeelte van de to do list voor vrouw en kind dan wel gebeurd en kan ik mijn planning redelijk aanhouden. Omgekeerd moet ik tegenwoordig wel eens tot wat meer haast aangezet worden, want aanpassen naar mamma's zo werkt best rustgevend.

Slechts één wezen in ons huishouden is volstrekt immuun voor dergelijke subtiliteiten. Als onze hond Cockie hoort dat we “zo” uitgaan gaat het woord “zo” volledig aan hem voorbij. Het woordje “uit” daarentegen heeft direct zijn volledige aandacht. Al kwispelend, blaffend en tegen de deur op springend laat hij weten dat het dan ook nú  moet gebeuren. En of mamma of pappa met hem mee gaat, zal hem een worst wezen.
Lees meer...   (1 reactie)
Lonkend water, Het water lonkt bij jachthaven De Waterlelie in Belt-Schutsloot
Als je bootje in de winterdagen buiten ligt, neem je af en toe een kijkje. Hoe zou de boot zich gehouden hebben? Staat hij nog op de bokjes of heeft de opstelling de stormen niet doorstaan?
 
Aangekomen bij jachthaven De Waterlelie in Belt-Schutsloot waren wij gauw gerustgesteld. De boot stond mooi te glimmen en ter versteving waren er aan beide kanten balken tegenaan geplaatst. Wat attent! Daar kan nog wel een stormpje overheen.
 
Het is nog maar januari en het weer kan nog alle kanten opgaan. Bij het najaarszonnetje van vandaag lonkte het water wel enorm. Ook de jachthaven lijkt er weer klaar voor. Nog een paar maandjes en dan weten we zeker dat Koning Vorst zich niet meer laat zien. En als hij zich onverhoeds toch nog meldt, dan moet hij zich ook maar van zijn stevigste kant laten zien. Als we nog niet kunnen varen, dan eerst nog maar even schaatsen in De Wieden!
Lees meer...
Wij vonden het leuk om onze boot een naam te geven. Bij onze eerste boot was een naam gauw verzonnen. Wij houden van simpel. Even een voorbeeld. Mijn achternaam is Kok. Hieraan dankt onze hond, een Cocker Spaniël, zijn naam Cockie. Snapt u? Cockie Kok de Cocker Spaniël. Vinden wij grappig. Gelukkig voor onze zoon zijn wij bij het bedenken van een naam voor hem destijds anders te werk gegaan.

Het bootje werd geheel in stijl De Kokkel gedoopt. Daarmee startte een aantal jaren geleden ons leven als bootbezitters. Tijdens de vele vaartochten die wij vooral in de Wieden maakten ontstond langzaam een wensenlijst voor een volgende boot, want zo gaat dat. Net in het bezit van het één ontstaat alweer het verlangen naar het ander. Bovendien zijn wij dromers. Al jarenlang houd ik in de gaten op welk huis ik direct kan bieden als de getallen van de Lotto mij gunstig gezind zijn. Voor een nieuwe luxe bolide weet ik ook al lang welke dealers ik moet bezoeken om na het in ontvangst nemen van diezelfde geldprijs een definitieve keuze te kunnen maken. In die categorie zagen wij onze wensenlijst ook. Onbereikbaar. En onnodig ook nog eens, want we genoten volop van De Kokkel.

Volkomen onverwachts overleed toen ineens onze schoonzus. Dit bracht veel verdriet met zich mee, maar ook een bescheiden erfenis. Verstandige mensen zouden dit gebruiken om  hun financieel leed te verzachten. Ook in ons geval zou het ons op weg helpen om van dit chronische probleem af te komen. Maar die droom was er ook nog. En geld is ook maar geld. Wat zou er mooier zijn dan om met het in vervulling laten gaan van wat wensen ook nog eens een tastbare herinnering aan je verdwenen dierbare over te houden?

Zo kwamen wij in het bezit van een mooie blauwe sloep met een echt stuur en een afsluitbare kap en met een nieuwere buitenboordmotor dan de vorige. Een droom die werkelijkheid werd. Het plan om onze steeds groter wordende boten volgnummers te geven zodat de Kokkel VII een megagroot ultraluxe jacht zou zijn, lieten we varen. Ons sloepje kreeg met unanieme stemmen de naam van onze schoonzus. Iedere keer als we in het haventje de Ankie zien liggen gedenken wij haar en zijn we dankbaar. Natuurlijk vanwege de boot, maar het allermeest nog omdat we de mens Ankie hebben mogen kennen.

Dit verhaal is 6 januari 2012 gepubliceerd op de website
Varen in De Kop van Overijssel.
Lees meer...
Stadshagenrun 2011 startnummerKok finisht weer? Inderdaad. Bijna precies 4 jaar geleden rondde ik een start to run sessie af met het uitlopen van een afstand van 3 kilometer. Daarna beletten knieblessures mij het verdere hardlopen.

Het zal menigeen niet ontgaan zijn dat ik deze zomervakantie opnieuw gestart ben. Nog steeds met knieblessure overigens. En niet zomaar één, maar een gescheurde binnenmeniscus. Doordat de last die ik daarvan heb met hardlopen niet erger is dan bij gewoon lopen, besloot ik toch te beginnen met joggen.
 
Dit deed ik met behulp van Evy. Zij hielp mij een eind op weg, maar maakte uiteindelijk haar belofte niet waar. Meerdere malen per weken had ze in mijn oortjes gefluisterd dat we zouden toewerken naar het gemakkelijk hardlopen van een afstand van 5 kilometer. Welnu lieve Evy, DAT moet nog steeds gebeuren. Het is nu bijna een maand geleden dat wij ons schema afrondden, maar nog geen enkele keer is het woord gemakkelijk bij mij opgekomen. Ook worden als lekker, leuk en fijn schieten mij zelden te binnen wanneer ik mezelf er weer toe gezet heb om te gaan lopen. Wel zaken als "ik ben gek dat ik dit doe""ik wil naar huis" "hier kan ik afsnijden" en "laat ik die Evy niet tegen komen".
 
De reden om opnieuw te gaan hardlopen was dat ik me fitter wilde voelen en niet vervallen in algehele lamlendigheid. Om diezelfde reden loop ik nog steeds minimaal twee keer per week 5 kilometer. Maar gemakkelijk is het nooit. Het is me zelden gelukt om de afstand af te leggen zonder het jogtempo nu en dan om te zetten in een wandeltempo. 

Stadshagenrun 2011 van te voren

 
 Vandaag stond de Stadshagenrun gepland. Niets bijzonders dacht ik, want het paste prima in mijn schema van twee keer per week. Toch brengt zo'n loop met 1.700 deelnemers iets speciaals. Veel publiek langs de kant, een muziekkapel die speelt als je langs loopt, wat DJ's onderweg en vooral veel mensen die zich net als ik om wat voor reden dan ook er toe hebben gezet om aan het gebeuren deel te nemen.
 
Mij was op het hart gedrukt vooral mijn eigen tempo te lopen. Wat in mijn geval langzaam betekent. De snelste tijd die ik gerealiseerd heb de afgelopen weken was 33 minuten en 18 seconden. Vandaag had ik twee doelen. Of eigenlijk drie. Doel één: blijven hardlopen, dus niet wandelen. Doel twee: de tijd verbeteren die Anne Baarde twee jaar geleden liep, te weten 32 minuten en 21 seconden. Het derde doel: genieten.

Echt geslaagd ben ik niet in deze doelen. Vlak voor het laatste rechte stuk heb ik een héél klein stukje gewandeld, een pas of tien. Mijn eindtijd was 33 minuten en 37 seconden. Ik heb daarmee de tijd van Anne niet verbeterd en zelfs mijn eigen snelste tijd niet.  Dit ondanks de indrukwekkende eindsprint die ik er uit wist te persen. En waardoor ik waarschijnlijk weer een week loop te hinkepinken, maar dit terzijde.

En genieten? Tsja, dat doe ik toch vooral achteraf. De belangrijkste en reeds vermelde reden om dit te doen is om me fitter te voelen en dát doel haal ik toch iedere keer, zelfs als het hardlopen voor geen meter wil. Volgende week loop ik met enkele bekenden de Wim Petersloop bij AV PEC 1910. Het doel? Ach, het past weer in mijn schema.
Stadshagenrun 2011  vertrek

Stadshagenrun 2011 finish


Lees meer...   (7 reacties)
VerhuisdWe speelden al een tijdje met de gedachte en gisteren hakten we eindelijk de knoop door. De nieuwe locatie is duurder dan de huidige, maar gaat ons vooral veel "gedoe" besparen.

Tijdens het perfecte weer van gisteren zaten wij in ons bootje en kwamen we weer eens langs de beoogde nieuwe locatie. We trokken de stoute bootschoenen aan, legden het bootje aan en gingen naar de beheerder. We waren het er al snel over eens en besloten per direct tot actie over te gaan.

Zo ligt ons bootje sinds gisteren niet meer in Zwartsluis, maar in het door ons zo geliefde Belt-Schutsloot,  waar de kriebels om een eigen bootje aan te schaffen ooit begonnen. We huurden jaarlijks minstens één keer, maar als het even kon toch vaker, een bootje. Inmiddels zijn wij aan ons tweede bootje toe en genieten we er nog steeds volop van.
 
Bij de nieuwe locatie wordt de boot vóór het winterseizoen uit het water gehaald, schoongemaakt en op de kant gelegd. WIj hoeven dan alleen de motor maar los te koppelen en weg te brengen voor de jaarlijkse beurt. Als het nieuwe seizoen begint, haken we de motor er weer aan, poetsen we de boot op met was en hij kan er weer in! Geen gedoe met trailers huren / lenen, boot met pijn, moeite en risico's op beschadiging uit het water halen, vastlopende auto's, etc. etc..

Belt-Schutsloot biedt daarnaast als ligplaats wat bijkomende voordelen. Zo kunnen we na het varen direct een toilet bezoeken (geloof me, dat is érg prettig!!!), zijn er bredere steigers, is er minder drassige grond en zijn we met de boot nóg sneller op mooie plekjes, terwijl het met de auto maar zo'n 5 minuten verder rijden is.
 
Naast de extra kosten is er toch nóg een dreigend nadeel. Bij het verlaten van de nieuwe ligplaats kom je vrijwel direct een snackbar tegen.....
Lees meer...   (2 reacties)
Photobucket
Het zat er aan te komen, maar vanaf vandaag is het écht zover. Evy heeft me de laatste 9 weken prima geholpen. Drie keer per week maar liefst ging ik samen met haar op stap. Vanochtend voor het laatst. De training bestond deze laatste keer uit 10 minuten hardlopen, minuutje wandelen en nog eens 20 minuten hardlopen.

Van harte ging het niet, deze laatste keer. Van de 27 keer dat ik Evy in mijn oortjes hoorde, ging het twee keer niet zo lekker. Vandaag was dat er één van. Maar liefst twee keer ging ik over tot wandelen, terwijl dat niet de bedoeling was.

Ik laat me hier allerminst door ontmoedigen. Over het algemeen ben ik klaar voor 30 minuten hardlopen. In dat halve uurtje moet ik in mijn gemiddelde tempo net iets meer dan 5 kilometer kunnen afleggen.

Doel 1 is bereikt: het hardloopschema van en met Evy volledig afwerken. Het tweede doel is volhouden en minimaal 2 keer per week circa 30 minuten hardlopen. Het moeilijkst zal dit zijn op donkere avonden en met slecht weer. Beiden zitten er natuurlijk volop aan te komen.

Via Endomondo.com houd ik mijn vorderingen bij. Deze zijn doorgelinkt naar Twitter en Facebook en ook voor anderen zichtbaar. Ik ben benieuwd of ik het red, zo in mijn eentje.
Lees meer...   (3 reacties)
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl